Je bent hier: Home > Columns > Column 53 - Hospiteeravond - fail!

Column 53 - Hospiteeravond - fail!

Maar hoe gek het ook mag klinken: hoe meer ik beweeg en loop, hoe meer ik zin heb in een Big Mac.

Datum: 2 september 2017

Leestijd: +/- 9 minuten

Daten | Homodating | Date | Grindr | Seksdate | Ontbijten doen we thuis | Arthur van Moerwijk

‘Stel je voor dat je frisse, koele lucht inademt terwijl je op dat denkbeeldige strand ligt.’ De stem van de man is zwaar en rustgevend. Hij spreekt de woorden kalm en duidelijk uit. Ik lig op bed en doe een meditatieoefening, in de hoop dat het malen stopt en ik verder kan pitten. Het is nog te vroeg. Of gisteren te laat, net hoe je het bekijkt. Het is vreemd, want eerder sliep ik als een blok door een heleboel alcohol, maar tegenwoordig doe ik geen oog dicht als ik gedronken heb. Ik vond de meditatieoefening op YouTube. Of eigenlijk heb ik helemaal niet gezocht, want het is de eerste de beste die ik zag. ‘Ontspan geheel en denk aan het geluid van de golven.’ Frisse en koele lucht. Op het strand is het óf bloedheet óf je waait uit je panty. Frisse, koele lucht bestaat daar niet. Concentreer je Arthur. ‘Houd je adem even vast en adem dan volledig uit. Bedenk dat de zuurstof alle stress en gedachten naar buiten voert, waardoor je rust krijgt in je hoofd. Blijf op dat strand.’ Bij strand heb ik de associatie van lauw bier en plakkend zand op je rug, in combinatie met zweet en zonnebrandcrème. Gadverdamme. En dat je dan gezwommen hebt, en - je van geen kwaad bewust - op je handdoek gaat liggen, maar dat er daarvoor net een kleine tornado heeft plaatsgevonden en je handdoek je lichaam verandert in een schuurspons. Oh en wat een hel is het als je op je handdoek ligt te chillen en die badgast naast je gaat weg, klopt z’n handdoek uit en loopt met z’n slippers langs je, waardoor jij je hele bezwete bek vol zand hebt. (Want de wind staat namelijk hóe dan ook jouw kant op.)

Sem moest vanmorgen vroeg weg en ik heb voor de zoveelste keer het voornemen m’n leven te beteren. Vandaag ga ik maar eens sporten en wat gezonder eten. Er zitten weer wat kilo’s aan sinds de vakantie, en ik wil vanavond ook een beetje fit verschijnen op de hospiteer. Oh kut ja, ook dat nog. De hospiteeravond. Echt geen zin in. Ik ben brak joh. ‘Dan gaan we nu over op de bodyscan.’ Oh ja, die fucking meditatie. ‘Te beginnen bij je hoofd. Voel hoe je hoofd op je kussen ligt. Wees alleen in het hier en nu en ervaar wat er gebeurt.’ Jezus wat een zwever. In het hier en nu. Feitelijk op dat kussen van de Action dus. De psychiater waar ik ooit was zei dat meditatie zou kunnen helpen tegen drukte in je hoofd. Nou, het helpt geen hól.

Ik rek me uit en wrijf in m’n gezicht met de hoop dat ik minder duf zal worden. Tevergeefs. Ik wil m’n armen weer naast me neerleggen maar raak m’n iPhonescherm aan. Ik drukte per ongeluk op de ‘volgende’-knop en een volgende video is geactiveerd, maar eerst speelt een reclame af. Er komt een klap herrie de kamer binnen en ik zit stijf van schrik rechtop in m’n bed. Ik ben er klaar mee. Ik denk dat ik het bonzen in m’n kop er niet uit mediteer en ik moet trouwens ook schijten. Er komt een flinke lading katerstront aan, geloof me. 

Later
Goed, Arthur, raap jezelf bij elkaar en nu je nest uit! Ik open de kledingkast van Sem. Onderin tref ik sportschoenen, een korte broek en zweetbandjes aan. Bingo. Ik kleed me om en doe zo’n knalgeel zweetbandje om m’n voorhoofd. Ik drink gauw twee grote slokken water uit de kraan en ga naar buiten.

Eenmaal buiten, zoek ik naar een wat rustige plek. Ik wil niet dat teveel mensen deze vernedering zien. En al helemaal geen bekende. Ik kom aan op een lange rechte weg en begin keihard te rennen. Nog geen honderd meter verder ben ik gesloopt. Ik smeek om zuurstof en m’n kop klapt zowat van m’n romp. Dit is toch niet te doen? Ik wandel een stuk en doe dan nog een poging. Dat herhaal ik een aantal keer. Maar hoe gek het ook mag klinken: hoe meer ik me beweeg, hoe meer zin ik krijg in een Big Mac. Ik zie het doosje al voor me, op dat donkerblauwe dienblad, en ik ruik dat typische McDonald’s-luchtje. Die saus. Heerlijk. En dan gemengd met sla en te veel vlees en te veel brood. Oh god. Ik draai me om en bekijk het stuk dat ik gelopen heb. Dat is dus geen hol. Ik ben nog geen driehonderd meter opgeschoten.

Ik parkeer m’n fiets tegen de voorgevel en doe hem gauw op slot.
     “Twee Big Macs”, zeg ik tegen de puistenkop achter de balie.
     “Wilt u daar een menu van maken?”
     “Nee.”
     “Alstublieft.” Ik ga zitten met het dienblad voor me. Vreten. En snel. De saus zit op m’n halve gezicht en terwijl ik aan de tweede burger begin, besef ik dat ik het zweetbandje nog om heb.

Ik donder m’n fiets tegen het studentenhuis van Sem en balend van de hoeveelheid calorieën en m’n opgeblazen gevoel strompel ik naar boven. 
     “Hoi. Waar was jij nou?” vraagt Sem. Ik heb gauw de zweetband weer omgedaan.
     “Oh, ik was effe hardlopen”, zeg ik koel.
     “Hardlopen? Jij?” Sem begint te lachen.
     “Ja man. Ik ga m’n leven beteren.”
     “Hardlopen. Ten eerste vind ik jij en hardlopen nogal een vreemde combinatie. En ten tweede. Hardlopen. Met je fiets?”
     “Eh …”

Hospiteeravond
     “Keuken, woonkamer, voor- en achtertuin.” Het meisje loopt in sneltreinvaart door de woonkamer en gaat ons dan voor de trap op. Ik ben niet de enige geïnteresseerde. Samen met mij zijn er nog zeven. En er blijken gewoon zes studenten in dit huis te wonen. Zes!
     “Wordt er veel samen gedaan? Eten bijvoorbeeld?” vraagt een bloedmooie gast die links naast me staat. Kunnen we die kamer niet samen huren?
     “Ja er is altijd wel iemand in de woonkamer, en we eten ten minste een keer per week samen. Als je het gezellig vindt kan dat vaker. Ik laat de rest even zien.” 

Het huis heeft twee etages en een zolder. “Hier zijn drie slaapkamers. Hé Brian”, zegt het meisje. Ze is über vrolijk. Ze moet wel iets in de recreatie of animatie doen. “Kom je zo ook nog beneden?” vraagt ze hem. Hij zit te gamen en er komt niet veel meer uit dan wat gemompel. “Wat?”
     “Jaha! Ik kom zo!” roept hij. 
     “Hier zit misschien wel je toekomstige medebewoner tussen.” Brian kijkt op en lijkt nu pas te beseffen dat er redelijk wat mensen op zijn overloop staan.
     “Oh, hoi.” Het meisje doet z’n kamerdeur dicht en we gaan verder. Het huis is enorm en de kamer die te huur staat is ook best groot.

     “Zo. Wie wil er wat drinken?” vraagt het meisje. We zijn inmiddels weer in de woonkamer. De andere bewoners zijn er nu ook allemaal. Ik kijk de groep rond en probeer onopvallend m’n vinger uit m’n bierflesje te krijgen. De geïnteresseerden zijn allemaal jongens, en veel knapper dan ik. Het rondkijken voelt als een reclame van Fonq. Waarom? Nou, het is hetzelfde riedeltje: ‘Mooi … mooi … ook mooi … mooi … ja mooi … mooi, maar waar vind ik het?’ Nou, dat dus.
     “Welke studie doe jij? Eh … Arthur was het toch?”
     “Ja”, mompel ik. Ik geef een hardere ruk aan het bierflesje en met een plop knalt m’n vinger eruit. Ik masseer de rode striem op een van m’n vingerkootjes. De jongen kijkt me aan en blijft even stil.
     “Welke studie doe jij?” vraagt hij nogmaals. Oh ja, dat was de vraag.
     “Eh … Journalistiek. Tweede jaar.”
     “Nice.” Helemaal niet.
     “Ja.” Ik glimlach ongemakkelijk. Waarom haalt er godverdomme niemand bier voor me?

De avond verloopt stroef. Althans, voor mij. De geïnteresseerden lijken allemaal de perfecte vragen te stellen, en ik zit er als een boer uit Dwingeloo bij. Bij elke vraag die gesteld wordt zet ik een ‘ja inderdaad, dat wilde ik net vragen!’-gezicht op en luister naar het antwoord. Dan zie ik een van de geïnteresseerden een flesje uit een krat halen. Waarom zie ik dat krat nu pas?
      “Lekker”, zeg ik. Een van de jongens gaat weg. Hij moet nog met de bus en de trein en als hij nu niet gaat dan zou hij niet thuiskomen, of zo. Een of ander lang lulverhaal volgde en ik kon me er niet op concentreren. Ik ga op zijn plek zitten en zit nu vlak naast het krat bier dat nog bijna vol is. Bingo! Ik zet het enorm op het zuipen en zodra ik profijt begin te krijgen van dat spraakwater begin ik te ouwehoeren met een van de jongens en het meisje dat ons de rondleiding gaf. Ze lachen hard en ik blijf maar lullen.

Een paar uur en een heleboel bier later rondt de avond af. Het was oprecht gezellig. 
     “We app’en of bellen je”, zegt het meisje. Ik weet nog steeds haar naam niet en ik durfde het ook niet te vragen. 
     “Dank je.” Ik verwacht niet dat ik het wordt. Die jongens zijn veel serieuzer en hoewel ik op het laatst de moppentapper van de avond was, denk ik dat ze iemand zoeken met meer inhoud. Het geeft niet, ik heb m’n plek bij Sem, indien nodig.

‘Thuis’
     “Hé Arthur,” Sem geeft me een zoen. “Hoe was het bij je ouders?” 
     “Oh leuk hoor”, lieg ik. Ik plof op de bank en kijk op de klok. Half een. Dat valt mee. 
     “Heb je veel gedronken?”
     “Niet zo heel veel”, lieg ik. Sem glimlacht. 
     “Ik kan nooit goed aan je merken of je wel of niet veel gedronken hebt.”
     “Kijk, dat is goed nieuws, daar ga ik dan nog eens goed misbruik van maken”, zeg ik lachend en ik trek Sem naar me toe. Hij komt op m’n schoot zitten en zoent me in m’n nek. 
     “Ik vind het zo gezellig dat je hier bent. Kom je alsjeblieft bij me wonen?” In de overtuiging dat ik de kamer toch niet krijg zeg ik ja. Sem is door het dolle heen en haalt gelijk een fles champagne uit de koelkast.
     “Champagne?” vraag ik.
     “Ja, die had ik stiekem gehaald voor als je ja zou zeggen. Gefeliciteerd met mij!” roept hij zo trots als een pauw.
     “Gefeliciteerd met míj!” roep ik. “Jij krijgt míj erbij!”

De fles gaat leeg en na nog twee biertjes gaan we naar bed, en van het een komt het ander. Sem is blij, ik ben blij. De volgende morgen word ik alweer vroeg wakker en ik kijk op m’n telefoon. Een app’je van een nummer dat nog niet in het telefoonboek van m’n iPhone staat:

06******** - 09:01 uur
“Hoi Arthur, Sanne hier. 
Van de hospiteer. Ik wil 
je laten weten dat we 
er over nagedacht 
hebben en dat jij onze 
nieuwe bewoner mag 
worden! Je was lekker 
down to earth en ik heb
enorm om je gelachen. 
Die andere gasten waren 
zo saai en serieus. Hihi! Laat
je horen wanneer je komt 
wonen? X Sanne.”

Kak!


Vervolg: Column 54 - Introkamp

Online: 6 september 2017

Ik had me aangemeld als crewlid voor de introweek. “Want dat is leuk”, had men gezegd. Nou, maak me gek.

  Like en blijf op de hoogte!