Je bent hier: Home > Columns > Column 113 - Drugs dealen

Column 113 - Drugs dealen

Het idee van die scootertjes laat me niet los. Dat moet een goed idee zijn, kan niet anders!

Datum: 31 maart 2018

Leestijd: +/- 7 minuten

Daten | Homodating | Date | Grindr | Seksdate | Ontbijten doen we thuis | Arthur van Moerwijk


     “Goeiemorgen”, hoor ik.
     “Hmm.” Nog niet. Niet nu al.
     “Goeiemorgen. Van wiet ga je goed slapen, hè?” vraagt Robert.
     “Hmm hmm!” Laat me met rust. Jezus, hoe laat is het?
     “Kijk wat ik heb.” Ik open m’n ogen. Robert staat met een dienblad met ontbijt voor m’n neus. Croissants, jus ‘d orange, koffie … alles staat er op.
     “Wow!” Ik pak m’n telefoon. Half twaalf. Tering, ik heb geslapen als een blok.
     “Speciaal voor jou!” zegt Robert. Hoe zie ik er uit? M’n haar staat vast alle kanten op. Ik heb een ranzige smaak in m’n bek en ik moet nodig douchen. Speciaal voor mij, zegt hij. Silvia heeft het gewoon gemaakt.
     “Dat is lief.”

We zitten als twee muppets in bed. Een dekentje over onze benen, het kussen tegen de muur, etend van onze croissants en nippend van de jus. Ik open WhatsApp. Tegelijk erger ik me eraan dat ik m’n telefoon erbij heb gepakt maar ik moet het app’je van Dave even lezen.
     “Wat ga je vandaag doen?” vraagt Robert.
     “Hmm?”
     “Wat ga je vandaag doen?”
     “Hmm hmm.” Dave heeft de rest van de planten geknipt en hij heeft de eerste lading wiet verkocht. Dit meen je niet! Dat gaat snel. 

Ik - 12:57 uur
“Wow, doe je 
goed. Hoeveel 
wiet heb je totaal?”

     “Jezus Arthur. Doe dat ding eens weg!” Robert zucht gefrustreerd.

Dave - 12:58 uur
“Niet via de app!”

     “Ja sorry. Wat vroeg je?”

Ik - 12:59 uur
“Tot vanmiddag.”

     “Wat je vandaag gaat doen!” 
     “Zo,” zeg ik en ik leg m’n telefoon neer om nu al m’n aandacht op Robert te vestigen. “Wat ik ga doen? Oh niet zoveel. Ik moet even langs Dave.”
     “Dave? Wie is Dave?” vraagt hij. Ik heb het gevoel dat hij jaloers is.
     “Oh, m’n seksbuddy.” Robert kijkt me vragend aan en zet z’n kop koffie op het dienblad. M’n telefoon trilt weer. 
     “Seksbuddy?”
     “Grapje!” Ik geef hem een zoen. “Dave is een oud studiegenoot van me. Hij vroeg of ik langskom. Dus daar fiets ik straks even naartoe.”
     “Okee. Ik moet nog even langs een klant hier in Groningen. Waar woont Dave? Ik kan je brengen.”
     “Nee nee nee, dat hoeft niet.” Robert kijkt achterdochtig. “Dat is lief, maar ik fiets wel. Dan kan ik gaan wanneer ik wil.”
     “Ik doe het graag?”
     “Nee het is goed lieverd.”
     “Goed. Ik ga even douchen.” Robert stapt uit bed. Z’n koffie is nog niet eens op. 

Dave - 13:00 uur
“Jo!”

Terwijl ik sta te douchen denk ik na over de wietverkoop. Hoeveel zou Dave verkocht hebben? En wat levert het mij op. Ik moet een constructie zien te bedenken waardoor de verkoop snel gaat en ik er zelf ook veel aan verdien.
     “Nou ik ga vast hoor”, roept Robert. 
     “Is goed.”
     “Tot vanmiddag?” vraagt hij.
     “Is goed. Ik weet niet hoe laat.” Ik kom niet zoveel in contact met onbekende mensen en het is lastig om zomaar over wiet te beginnen. Dave kent wel veel mensen. Misschien kan ik de levering regelen.
     “Jo Arthur. Check dit!” roept Dave en hij laat me twee plastic bakken vol wiet zien.
     “Niet normaal, hè?” zeg ik lachend. Dave pakt een top. 
     “Dit is echt kwaliteit shit.” Hij is trots. “En kijk!” Dave ritst een van de tenten open. “De tweede lichting is onderweg.” Ik begin te lachen. Over een tijdje is er dus weer zo’n lading.
     “Hoeveel heb je verkocht?” vraag ik.
     “Vijftig gram.” 
     “En hoeveel hebben we?”
     “Een 800 gram.”
     “Acht honderd? En wat kost het per gram?”
     “Tja, dat verschilt. Normaal iets van tien tot twintig euro per gram. Maar ik doe het voor tien. Als je goede wiet goedkoop aanbiedt komen klanten vast terug en dan kunnen anderen het doorverkopen.” 
     “Dat is waar.” Ik begin te rekenen. Als hij vijftig gram verkocht heeft, dan is dat al vijfhonderd euro. Als die 800 gram verkocht is dan zit je dus op 8000 euro. Holy shit!
     “En hoeveel krijg ik?” vraag ik. Dave kijkt me vragend aan.
     “Huh?”
     “Hoeveel van de opbrengst krijg ik?” 
     “Ja ehm … het staat toch in mijn huis?”
     “Nee lekker. Je laat me knippen en meedenken en dan strijk jij al het geld op.” Dave zucht.
     “Tien procent”, zegt hij. Ik lach hard.
     “Veertig, veertig, twintig”, zeg ik. Dave kijkt me vragend aan. “En deze verkoop doen we fifty fifty.”
     “Ja echt niet. Wat denk je dat het me aan stroom kost? Twintig procent.”
     “Ik heb een plan bedacht …” zeg ik. Daves spitst z’n oren en kijkt me lichtelijk achterdochtig aan.
     “Een plan?”
     “Jij doet de verzorging van de planten, praat met mensen en regelt klanten. We knippen samen. En ik doe het transport.” Dave knikt bedenkelijk. “Ik regel prepaid simkaarten en mobiele telefoons waarmee we alleen kunnen sms’en. Dan zijn we niet te traceren. Ik ga met het transport bezig …” Ik denk aan Sem. Als hij toch door Groningen scheurt kan hij die wiet meenemen en afleveren. Ik vertel Dave over m’n idee van de bezorging met scooters. “We zijn door die prepaid simkaarten niet te traceren. En wanneer breken ze nou zo’n box achterop de scooter van een pizzabezorger open? Ik zorg dat Sem ook een telefoon krijgt en we bezorgen alleen wanneer hij werkt. Veertig, veertig, twintig. Snap je?”
     “Wil Sem wel dan?” vraagt Dave. “Kijk wel uit tegen wie je dit allemaal vertelt, hè? Hoe meer mensen het weten hoe groter de kans dat we gepakt worden.”
     “Ja ja ja”, zeg ik zuchtend. “Ik praat met Sem. En ik ga kijken of ik pizzadozen kan bestellen. Die douwen we vol. Geen hond die het doorheeft.”
     “Geniaal!” roept Dave lachend. “Ge-ni-aal! Okee, deal!” Dave wil me een box geven. 
     “Veertig, veertig, twintig dus?” 
     “Check!” Ik beantwoord z’n box onhandig.
     “Noteer alle adressen en telefoonnummers van klanten. Die sms je naar mij en ik regel het met Sem. Zorg dat al het contact over dit en met klanten alleen via de prepaid mobiele telefoon gaat die je van me krijgt. Ik ga nu telefoons regelen en kom straks terug.”
     “Is goed man. Vet!”

Ik verlaat het huis van Dave met 250 euro contant op zak. En ik kan je zeggen: dat voelt best goed. Ik fiets naar de Albert Heijn en kringloop om drie simkaarten met beltegoed en tweedehands Nokia’s te kopen. Nu moet ik Sem nog zo ver zien te krijgen.

Ik - 14:05 uur
“Hé Sem!”

Sem komt online maar gaat weer offline. Hmm. Ik fiets naar Dave.

     “Jo gappie!” roept hij enthousiast. “Ook zo eentje?” vraagt hij, wijzend naar het flesje bier dat op tafel staat. 
     “Nee nog niet.” Ik installeer de drie simkaarten en maak de telefoons klaar. “Jij hebt dit nummer,” Ik schrijf het voor Dave op. “En mijn nummer en dat van Sem zet ik in je telefoon. Zorg dat je met niemand anders contact hebt via deze telefoon, behalve met ons.”
     “Wil Sem wel dan?” vraagt Dave.
     “Weet ik nog niet. Ah dat zal Sem zijn!” zeg ik, zodra ik m’n telefoon voel trillen.

Sem - 14:59 uur
“Oh Arthur. Verrassend! 
Wat is er?”

Zo zo … sfeertje. Terwijl Dave met z’n mobiele telefoon zit te pielen antwoord ik Sem.

Ik - 15:01 uur
“Werk jij nog als 
pizzabezorger?”

Sem - 15:02 uur
“Ehm … ja. Hoezo?”

Ik - 15:02 uur
“Heb je zo tijd?”

Sem - 15:03 uur
“Arthur, je doet 
vaag. Wat moet 
je?”

Ik kopieer en plak m’n app’je en stuur het opnieuw.

Sem - 15:05 uur
“Ja nu wel. Niet 
zo lang want ik 
moet om vijf uur 
werken.”

Ik - 15:05 uur
“Ik kom eraan.”

     “Dave, ik ga even bij Sem langs.”
     “Huh, wat? Nu?”
     “Ja. We houden contact. En onthoud: alleen via de prepaid telefoons!”
     “Ja ja ja.”

Met een lichte zenuwgolf in m’n donder parkeer ik m’n fiets bij het huis van Sem. 
     “Wat is er nou? Ik zie of hoor je nooit. En met wat er in het verleden is gebeurd heb ik eigenlijk helemaal geen zin meer in contact. Snap je dat?”
     “Snap ik. Maar ik heb je gemist. Ik wilde je zien”, lieg ik. Oh wat vals.
     “Ik mis jou ook nog steeds.” Het valt stil. “Maar het werkt niet tussen ons, snap je dat dan niet?”
     “Dat snap ik en ik baal heel erg hoe het gelopen is.” Ik laat een stilte vallen. “Maar we hadden het wel erg leuk.”

We praten over koetjes en kalfjes. Sem werkt nog als pizzabezorger en studeert nog. Ik vertel dat ik in een kroeg werk. Hij is niet verbaasd dat ik gestopt ben met de opleiding.
     “Maar Sem luister …” Ik leg hem het plan uit. Sem knikt begrijpelijk waardoor z'n reactie me verbaast.
     “Dus even kort samengevat. Je laat me zitten, bedondert me meerdere keren, komt hier om te zeggen dat je me mist maar dat is een leugen want je wilt gewoon weten of ik meewerk aan jullie drugsdeals. Je bent gek! Dat kost me m’n baan!” 
     “Wat denk je dat het oplevert?”
     “Ja weet ik veel.” Ik vertel en ik vertel. Sem is geïnteresseerd. Dat merk ik. Maar hij is wel afhoudend. “Ik weet het niet Arthur … Als we betrapt worden zijn we echt de sjaak.” 
     “Maar hoe bevalt je studie?” vraag ik om het over een andere boeg te gooien. Ik ga dichter bij hem zitten. 
     “Ja erg goed. Het gaat lekker en ik sta er goed voor.” Ik doe alsof ik Sems been per ongeluk aanraak. Hij lijkt het niet erg te vinden. Zodra ik m’n pakje sigaretten van tafel wil pakken zorg ik dat m’n mond dichtbij de zijne komt. Hij kijkt me lang in m’n ogen. Ik leg m’n pakje sigaretten naast me op de bank en blijf hem in z’n ogen kijken. Ik begin hem te zoenen. 

We hebben seks: slecht idee, goed resultaat.
     “Ik heb je zo gemist!” zegt Sem als we op bed liggen. 
     “Ik jou ook.” Ik knuffel hem en streel door z’n haar. Het valt stil. Ik moet het toch vragen. “Maar hebben we een deal?”
     “Nou vooruit.” Top. Wat zeggen ze ook alweer? Sex sells, of zoiets toch? Check!

Vervolg: Column 114 - Verslavingszorg

Online: 4 april 2018

Weer zo’n verrassing van Robert. Nu geen autorijles of weekend weg. Nee, een tripje naar een verslavingsarts!

  Like en blijf op de hoogte!