Je bent hier: Home > Columns > Column 108 - Autorijles

Column 108 - Autorijles

“En de koppeling langgggzaam laten opkomen”, zegt de instructeur. “Langgggzaam.”

Datum: 14 maart 2018

Leestijd: +/- 7 minuten

Daten | Homodating | Date | Grindr | Seksdate | Ontbijten doen we thuis | Arthur van Moerwijk

     “Ja maar Arthur, dat kan echt niet”, zegt Robert. Hij zet z’n glas water op de tafel en kijkt naar me.
     “Zag je dan niet hoe minachtend ze naar me deed?”
     “Ja dat zag ik wel, maar dat is m’n moeder. Zo is zij nu eenmaal. Daar moet je doorheen kijken. Ik kan daar ook niks aan doen.” Robert doelt op onze conversatie over de gaten in m’n broek en haar wanstaltige bontjas. We kunnen het niet zo goed vinden samen.
     “Maar wat nu als ik ook eenmaal zo ben?” zeg ik. Robert zucht.
     “We komen hier niet uit.” Het valt stil. 
     “Ook een biertje?” vraag ik.
     “Bier? Hebben we bier dan?” Ik loop richting de keuken.
     “Ja, dat heeft die schat van een Silvia voor ons gehaald. Lief hè?” 
     “Ik drink nooit bier thuis.”
     “Nou, en laat je nu nét Arthur hebben leren kennen die dat wél doet”, zeg ik glimlachend en ik loop naar de keuken.
     “Maar dat kan trouwens helemaal niet,” roept Robert me na. “Je moet nog rijden.”
     “Wat ‘rijden’?” vraag ik alsof het een vies woord is.
     “Ja, met de auto.” 
     “Nee joh. Ik heb helemaal geen rijbewijs”, zeg ik lachend en ik maak het biertje open. Kijk, het nadeel van geen rijbewijs hebben is dat je alles op de fiets moet doen. Maar het zwaarstwegende voordeel is dat je nooit gevraagd wordt om de BOB te zijn. Ik neem een slok.
     “Nee Arthur, je moet nog rijden!” roept Robert en hij pakt m’n flesje af.
     “Nou kom op. Wat is er nou?” vraag ik geïrriteerd.
     “Ik heb rijles voor je geregeld.” Ik verslik me en begin hard te hoesten. Geen idee waarin ik me verslik maar het lukt me. Rijles?!
     “Ja. Hij is er over een kwartier.” 
     “En dat overleg je niet even?”
     “Verrassing!” roept hij blij. Mij iets te blij.
     “Maar ik heb helemaal geen theorie-examen of enkele ervaring met verkeersregels. Ja, op m’n fietsdiploma na dan. Maar of dat telt?” 
     “Dat ga je allemaal leren en je krijgt het van mij cadeau”, zegt Robert. Moet ik nu blij zijn?
     “Nou, ik weet niet wat ik hierop moet zeggen hoor.”
     “Geeft niks. Maar het is echt handig als je je rijbewijs hebt. Dan kun je ook een auto kopen en gaan en staan waar je maar wilt”, vertelt Robert. Het klinkt heel praktisch. Maar een auto kopen … ik?
     “Haha, ik heb geen cent te makken! Wat dacht je dat biertjes tappen oplevert?” Robert kijkt de woonkamer rond en glimlacht.
     “Ik kan me nog wel een auto permitteren.”

Een zweet- en paniekaanval maakt zich van mij meester. Een rijles, hoe bedenkt hij het?! Ik ga me gauw omkleden en doe m’n haar. Ik was m’n handen om die vieze plakkerige wax eraf te wassen en dan hoor ik getoeter. Oh god, het is nog echt waar ook.
     “Arthur!” roept Robert.
     “Ja”, antwoord ik. Ik veeg m’n handen droog.
     “Arthur!!!”
     “Jahaaa!” God alle jezus. “Ik kom eraan!” 
     “De rijinstructeur staat voor de deur.”
     “Goddank,” zeg ik terwijl ik hijgend de trap af loop. “Ik was even bang dat het je moeder was.” 
     “En blijf van hem af, hè?” roept Robert me lachend na. Ik loop naar de auto. De instructeur staat tegen het voorportier geleund.
     “Hoi Arthur, Max.” De donkere knappe jongen staat me aan te kijken en hij lacht z’n spierwitte tanden bloot. Eigenlijk is het oneerlijk, hè? Bij een donkere huid lijken tanden en ogen altijd stralend wit. Moet je mijn geelgerookte bek zien …
     “Hoi Max.” Ik loop om de auto heen. Automatisme. Ik wil aan de passagierskant gaan zitten. Hoe onnozel!
     “Ik zou die andere kant nemen!” roept Robert lachend vanuit de deuropening. 
     “Ga je niet mee?” vraag ik verbaasd.
     “Nee, die Max weet heus wel wat hij doet.”

Ik zit in de grote auto en kijk rond. Leren bekleding, spiegel hier, spiegel daar, een groot stuur en een knappe instructeur naast me. Hoe cliché.
     “Goed Arthur. Heb je al eens eerder gereden?” Flitsen van knappe dates vliegen aan m’n geestesoog voorbij. Dat bedoelt hij niet.
     “Ehm nee. Jij?” vraag ik. Max lacht.
     “Nee, voor mij ook de eerste keer.”
     “Top.”
     “Goed, een korte uitleg. Drie pedalen bij je voeten. Koppeling, rem en gas. Ik heb hier ook pedalen dus ik kan ingrijpen. Hier een spiegel” hij wijst naar de achteruitkijkspiegel, “en twee aan beide kanten. Bij alles wat je doet kijk je in de spiegels of er iets naast je of achter je is. Trap de linker pedaal, de koppeling, helemaal in en start de auto.” Ik doe wat hij zegt. Ik vind het al vrij veel informatie voor het begin.
     “Jep”, zeg ik zodra de motor draait.
     “Goed, dan laat je langzaam de linker pedaal opkomen en trap je voorzichtig het rechter pedaal in.” Ik til m’n linker voet op. De auto begint te bokken en ik hoor een enorm gejoel waarna de auto afslaat. Robert staat nog steeds in de deuropening naar ons te kijken. Hij lacht. De klerelijer.
     “Juist ja”, zeg ik. “En nu?”
     “Hetzelfde, maar dan nóg langzamer.” Ik start de auto en vind er nu al geen reet meer aan. Hoezo moet ik lessen. Als Robert dan zoveel geld heeft, dan regelt hij toch een chauffeur voor me? Ik draai de sleutel om, maar er gebeurt niks. Oh god, ik hem heb gesloopt.
     “Hij doet het niet!” roep ik gepikeerd.
     “Koppeling intrappen, linker pedaal.” 
     “Oh ja.” Ik doe wat hij zegt. Ik laat langzaam de linker pedaal opkomen en geef er een klein beetje gas bij. De auto beweegt. Dat deed hij net ook, maar nu kost het me niet m’n nekwervels.
     “Goed zo.” De auto begint wat te schudden.
     “Rustig, Arthur. Wacht, ik help je wel een beetje tot we de wijk uit zijn. Heb je je theorie al?” 
     “Nee.”
     “Al aan het leren?”
     “Nee.”
     “Ga je dat nog doen?”
     “Nee.”
     “Okee. Waarom dan deze les?”
     “Cadeautje.”
     “Cadeautje? Dat is gaaf.”
     “Vind je? Rij jij anders verder.” Ik begin te lachen. Max lacht met me mee. 
     “Ga hier maar links”, zegt hij. Ik doe wat hij zegt. We rijden en rijden. Max legt me uit wat ik aan het doen ben en wat ik behoor te doen. Ik luister maar onthoud er volgens mij niks van. “Goed, ga hier maar rechtdoor en dan zijn we zo weer bij je huis. Het uur is al om.”
     “Nu al?” vraag ik verbaasd.
     “Gaat snel hè?” lacht Max.
     “Heb je verkering?” vraag ik. Hou je in Arthur. Hou nou gewoon een keer je bek.
     “Ehm …” Hij valt stil. “Nee.”
     “Mooi. Wat is je nummer?”
     “Nou zeg Arthur.” 
     “Grapje.” Max geeft gas bij vanaf de pedalen aan zijn kant en we rijden nu extra snel de straat door. Hij wil zeker van me af.
     “Goed Arthur. Dat was je eerste les. Zie ik je volgende week weer?”
     “Lijkt me leuk, Max!” roep ik enthousiast. “Doei!” Ik flikker de deur in het portier en vergeet dat Max aan deze kant van de auto moet zitten.
     “Tot volgende week.” 
     “Oh sorry”, zeg ik. Ik maak de deur open en laat hem instappen. Ongemakkelijk!
     “Wat een gentleman. Je houdt zelfs de deur voor hem open!” roept Robert lachend vanuit de deuropening. Ik ga er vanuit dat hij niet het hele uur daar heeft gestaan, al lijkt dat wel een beetje zo. “Hoe ging het?” vraagt hij. We zwaaien beiden naar Max. Hij ziet het niet en rijd weg.
     “Prima. Eitje. Makkie”, zeg ik arrogant met m’n kin omhoog.
     “Mooi. Geslaagd dus?”
     “Absoluut. Ik ga nu voor m’n helikopterrijbewijs.”
     “Rijbewijs voor je helikopter?” vraagt Robert lachend en hij houdt me liefkozend vast.
     “Nou wijsneus, doe me dan nu maar een biertje dan. Neem er zelf ook een!” Ik ga zuchtend en puffend op de bank liggen. “Ik ben kapot!” brul ik zodra Robert een biertje voor me neerzet.
     “Nou vertel, hoe ging het?”
     “Ja wel goed. Maar moet wel even wennen natuurlijk.” Ik drink drie enorme slokken en zet het biertje op tafel. Daar was ik aan toe.
     “Dat komt vanzelf”, zegt Robert. Het valt even stil. “Maar Arthur, nog even over je drankge…..” Telefoon. Sien. Ik neem op.
     “Hé Sien!” roep ik enthousiast. Blij dat dit de opmerking van Robert onderbreekt. Geen gehoor. De lijn is dood en zodra ik op m’n telefoon kijk zie ik geen oproep. Huh? Dan komt er een SMS binnen.

Sien - 20:45 uur
“Arthr, foute boeel. 
Kun je invallenfD?”

Huh? Ik bel haar gelijk terug. Straks is er wat aan de hand! Ik hoor een boel gerommel en gehannes en dan uiteindelijk:
     “Ja ja ja ja jaaaaa, met AppelSientje hier! Is dat mijn kleine Arthurtje?” Oh god, ze is toeter.
     “Oh god. Sherry?” vraag ik lachend. Ik zie Robert naar me kijken en meeluisteren met dit gesprek.
     “Nou jaaaaa zeg, hoe durf je! Sherry? Ikke?” Ze lacht hard. 
     “Waarmee kan ik je helpen Sien.”
     “Kun jij … misschien … voor mij … héél eventjes … hierheen komen?” 
     “Is er wat mis?” vraag ik.
     “Nou ja mis. Ik kan niet zo goed meer lopen. Dus ik dacht misschien wil jij de tent even overnemen. Dan neem je gewoon morgen vrij.” Ik zucht. Robert kijkt weg zodra ik hem aankijk. Een teken dat hij meeluistert. 
     “Ik kom eraan”, zeg ik. We hangen op.
     “Moet ik je brengen?” vraagt Robert.
     “Graag. Volgens mij is ze enorm dronken.”

Robert en ik scheuren door Groningen. We maken vaart want als Sien daar dronken in de kroeg zit kan er van alles gebeuren. 
     “Dank je schat”, zeg ik. 
     “Bel maar als je klaar ben, dan pik ik je weer op. Zelf niet ook te veel drinken, hè?” 
     “Is goed pap”, zeg ik lachend. “Toedels!” 

Ik loop richting de deur en hoor het al. Carnavalsmuziek, smartlappen, of wat dan ook. Maar dat soort muziek draait er. Ik kom de kroeg binnen en Sien komt net voorbij in de polonaise. Drie dames achter haar, langer is de rij niet.
     “Arthurtjeee!!” roept ze. “Kom! Doe mee!” brult ze. De kroeg is gevuld met hooguit nog tien mensen. 
     “Goedenavond”, zeg ik tegen het gezelschap. Bij mij moet er eerst wat drank in voor ik echt gek kan doen. Ik wurm me los en ga naar de bar om m’n jas te dumpen.
     “Neem er een, Arthur, en doe mee!” brult Sien. Ze loopt nog steeds voorop in de polonaise. “Doe mee!”


Vervolg: Column 109 - De zussen van Sien

  

Online: 17 maart 2018

De drie dames blijken de zussen van Sien. God wat een stel! ’t Zijn net Kwik, Kwek en Kwak.

  Like en blijf op de hoogte!