Je bent hier: Home > Columns > Column 104 - Knalfuif

Column 104 - Knalfuif

Ik kom aan bij het huis van Robert en er staan gewoon al mensen te wachten. Oh my god.

Datum: 28 februari 2018

Leestijd: +/- 7 minuten

Daten | Homodating | Date | Grindr | Seksdate | Ontbijten doen we thuis | Arthur van Moerwijk

Oh my god. Oh my fucking god. Ik kijk om me heen en de wereld is nogal wazig. Waar ben ik? Oh ja, in het huis van Robert. Fuck! Robert. Wanneer komt hij thuis? Ik heb duidelijk weer veel te veel gedronken. M’n neus zit verstopt en ik moet steeds hoesten. M’n kop bonkt, m’n kleren zijn zeiknat en ik stink naar oud bier. Heb ik gisteren geneukt? Nee toch? Ah vast niet. Dan had ik het wel geweten. Maar wat nou als ik vreemdgegaan ben? Oh god nee toch! Ik weet ook alles weer te verpesten. Arme Robert. Ik staar voor me uit. Wie waren er allemaal? Dave en z’n vrienden. Verder kom ik niet. En ik zie een vage schim van Silvia, de huishoudster van Robert, voor me. Ze zal zich doodgeschrokken zijn. Ik kijk tussen m’n benen. M’n lul is schoon. Niet geneukt dus. Opgelucht hijs ik mezelf uit de lege jacuzzi. In m’n shirt zit een scheur en ik mis een schoen. Wat is er in gódsnaam gebeurd? Tegen m’n verwachting in is het zwembad vrij schoon. Hier en daar drijft een rood-witte plastic beker. M’n schoen! Zo’n meter van de rand drijft m’n schoen in het water. Kutzooi. Hoe krijg ik die er uit? Ik kijk langs de muren of daar zo’n haak hangt die ze ook altijd in zwembaden hebben. Natuurlijk niet. Dit is een privézwembad. In de hoek zie ik een dweil staan. Bingo. Ik pak hem snel en vis naar m’n schoen. Maar hoe ik m’n best ook doe: m’n schoen raakt steeds verder van de kant. Ik doe nog een poging maar dan verlies ik m’n evenwicht en ik flikker languit in het water. Godverdomme!
     “Gaat het wat?” hoor ik iemand lachend vragen zodra ik bovenkom. Oh wat gênant is dit!
     “Ehm ja hoor. Van zwemmen word ik altijd weer fit na zo’n avond”, lach ik wat. Het is Silvia. 
     “Zwem je altijd met al je kleren aan?” Ik lach onhandig, pak m’n schoen en klim het zwembad uit.
     “Zo”, zeg ik. “Hoe is het?” Ik wring m’n shirt uit en kijk naar m’n zeiknatte sokken en broek. Ik wil m’n schoen aandoen maar dat lijkt me wat onzinnig.
     “Kan beter”, zegt ze. Even begrijp ik niet wat ze bedoelt, maar dan krijg ik een flashback. Silvia was er gisteren ook. In eerste instantie was ze not amused van alles wat er - zonder toestemming - in het huis van Robert gebeurde. Maar toen we haar eenmaal hadden overgehaald om mee te drinken, was de rem er af.
     “Ehm … met mij ook”, zeg ik en ik herinner haar eraan dat ik in het zwembad flikkerde door m’n hoofd snel rond te draaien waardoor het water uit m’n haren haar kant op spat. Niet doen. Slecht idee. Hoofdpijn!
     “Hé!” roept ze lachend en ze veegt haar gezicht droog. “Nou, kleed je om. Schoonmaken! Ik was vanmorgen al vroeg begonnen.”
     “Ai ai, kapitein!” Ik ga gauw naar boven om me om te kleden. Op de trap kom ik Dave tegen. Hij ligt voor pampus.
     “Jo Dave!” roep ik en ik geef hem een por met m’n voet. Hij snurkt hard. “Dave!”
     “Hmmm!” klinkt er boos. 
     “Jo, wakker worden. We moeten opruimen!”
     “Nee gast. Ben brak.”
     “We zijn allemaal brak”, roep ik. Ik houd m’n shirt boven z’n hoofd en wring het uit.
     “Gast! Doe normaal gast!” brult hij. Gelukt. Hij is wakker. Boven kleed ik me om en dump m’n kleren in de badkamer. Dat zie ik later wel.

Terwijl ik de vloer bij het zwembad sta aan te vegen denk ik aan hoe het allemaal begon. Ik was met Dave bij de supermarkt. We vroegen of het ook bezorgd kon worden, want we hadden inmiddels zoveel in ons winkelkarretje dat we het onmogelijk mee konden krijgen op de fiets.
     “Oh geen probleem. Binnen Groningen kost tweevijftig”, zei het meisje. Daar hoefden we geen seconde langer over na te denken. Voor ons een reden om er nog een winkelkarretje bij te pakken. 

Die avond kwamen we bij het huis. We waren al vroeg, maar toch stonden er al mensen te wachten. Volgens mij had ik vanaf acht uur gezegd, maar het stikte er al van de fietsen en auto’s. Silvia keek haar ogen uit toen ik de deur open maakte.
     “Wat is dit toch allemaal?” vroeg ze me geschrokken met de poetsdoek nog in haar hand. Ze had denk ik net het huis schoon.
     “Feestje”, zei ik. Ik legde het kort uit en verzon een smoes dat het een verrassingsfeest voor Robert zou zijn.
     “Maar Robert komt vanavond niet eens thuis!” zei ze tegenstribbelend.
     “Zie het als een oefening”, zei ik tegen haar waarna ik tegen de mensen voor het huis begon te roepen: “Jongens, kom erin!” De muziek ging aan, de drank kwam op tafel en vanaf het eerste moment was het een groot feest.
     “Nou, komt er nog wat van?” vraagt Silvia. “Je staat al tien minuten dromend voor je uit te staren. Neem anders nog even een lijntje!” riep ze bits. Hmm kut. Dat weet zij dus ook. Als ze daarover maar niks tegen Robert zegt. 

Dave, Silvia en ik hebben de ruimte van het zwembad aan kant en beginnen aan de woonkamer.
     “Gast, ik ben brak. Moet dit? Kan zij dat niet doen?” vraagt Dave me fluisterend zodra Silvia wegloopt om de wc te gaan poetsen.
     “Dat kunnen we niet maken.” Dave zet een halfvolle fles drank in een doos bij de rest. 
     “Wat een feest man”, zegt hij.
     “Echt wel.” Dan hoor ik een gil. Het is Silvia.
     “Wat?!” roep ik. “Wat is er?” Silvia komt lachend naar ons toe. 
     “Daar ligt er nog een”, zegt ze. “Hij ligt te slapen achter de wc.” Dave en ik lopen met haar mee. De jongen heeft gekotst. Het zit zelfs nog aan z’n kin. Gadverdamme.
     “Jo!” roept Dave en hij geeft de jongen een trap. “Jo!” gevolgd door nog een.
     “Doe eens rustig.” Ik ga op m’n knieën bij hem zitten en duw tegen z’n schouders. “Word eens wakker”, zeg ik. De jongen beweegt, tot m’n opluchting. Ik was even bang dat hij dood was door alcoholvergiftiging of zoiets.
     “Huh?” zegt hij versuft. “Wat?” 
     “Wakker worden. Het feest is voorbij!” roept Dave boos.
     “Je was in slaap gevallen bij de wc. Fris je zelf op en ga lekker naar huis joh”, zeg ik gemoedelijk. De jongen doet wat ik vraag en we gaan door met schoonmaken.

Ik krijg weer een flashback. Dave staat op de cocktailbar te brullen en de rest danst er omheen. Silvia komt met schalen hapjes langs en maakt cocktails. Ik sta met een jongen te praten. Ik ken hem niet. Het is gezellig maar hij is alles behalve knap. Ik probeer hem te versieren, ik wil seks. Maar de jongen weigert. Hij is geen homo, zei hij. Nou echt wel.

     “Robert komt morgenochtend terug”, vertelt Silvia. Ik kijk geschrokken het huis rond. Maar goddank is het al schoon. Dave is naar huis gegaan en de kotsende jongen is ook vertrokken. Silvia is bewust wat langer gebleven om me te helpen, zodat Robert het morgen niet zou merken. Die avond zit ik op de bank en ik kijk tv. Het hele feest is me nog een wazig verhaal en m’n dag vult zich met brakheid en flashbacks. Ik ga om negen uur al naar bed. Dan ben ik morgen in elk geval fit als Robert er is.

     “Goedemorgen”, hoor ik van beneden. Silvia heeft de deur open gedaan. Ik ben echt net een minuut wakker en vanaf de trap sta ik naar hem te kijken.
     “Oh, goedemorgen”, zeg ik. Ik wrijf in m’n gezicht en probeer me een voorstelling te maken van hoe ik er uit zie. Dat wil ik vast niet weten.
     “Lekker geslapen?” vraagt Robert lachend. Hij komt naar boven. 
     “Hoe was Berlijn?” Ik probeer er overheen te praten en merk dat ik bijna dwangmatig rondkijk of er niks ligt waardoor Robert zou kunnen vermoeden dat hier een feest is geweest en zijn huis een teringzooi was. 
     “Goed. De deal gaat toch door.”
     “Wat was er nou dan?” vraag ik. “Waarom moest je terug?” Dit is gemaakte interesse. M’n concentratie is nog steeds niet optimaal en het liefst ga ik terug naar bed. Robert steekt een lang verhaal af over deals, Duitsers en webwinkels. Het zal allemaal wel. “Ik ga even douchen”, zeg ik. 
     “Dat zou ik maar eens doen”, zegt robert terwijl hij lachend in z’n neus knijpt. Is het zo erg? “Wat doen die natte kleren daar?” vraagt hij. Kut. Ik wist dat ik iets vergeten was.
     “Oh ehm …” Bedenk iets. Bedenk iets Arthur! “Ehm, ik zat te morsen dus ik heb het even uitgespoeld.”
     “Oh, okee.”

Gepoetst en gestreken kom ik beneden en ik voel me een ware Hollywoodster met mijn toneelspel. Silvia zet een lunch klaar en Robert kijkt naar me vanaf de andere kant van de tafel.
     “Nou, hoe waren de afgelopen twee dagen hier?” vraagt Robert me.
     “Rustig”, lieg ik. Silvia stoot een schaal tegen een glas dat vervolgens omvalt. Ze lacht.
     “Mis ik iets?” vraagt Robert en hij kijkt vragend naar ons beiden.
     “Nee hoor”, zegt Silvia. “We hebben elkaar beter leren kennen.” Ze geeft me een knipoog die Robert niet ziet. Ik denk dat Silvia en ik het erg goed kunnen vinden.


Vervolg: Column 105 - Bij m'n ouders

Online: 3 maart 2018

“Samenwonen?! Met wie!” M’n moeder is enorm verbaasd. M’n vader denkt het zijne ervan.

  Like en blijf op de hoogte!