Je bent hier: Home > Columns > Column 103 - Werken bij Sien

Column 103 - Werken bij Sien

Robert kwam langs. Hij moet opnieuw naar Berlijn. Hij gaf me z’n huissleutel. Wauw! Ik voel een goed feest opkomen …

Datum: 24 februari 2018

Leestijd: +/- 7 minuten

Daten | Homodating | Date | Grindr | Seksdate | Ontbijten doen we thuis | Arthur van Moerwijk

Ik moet nog opschieten ook. Robert scheurt door Groningen en zet me af bij Sien. Ik ben een kwartier te laat. 
     “Heel erg bedankt. Het was super gezellig. En tot gauw?” zeg ik.
     “Absoluut. Werk ze!” Ik krijg een zoen van Robert en loop gauw het café binnen.
     “Zo, mooi op tijd!” roept Sien. “Wat heb jij nou weer aan?” Ik kijk naar de blouse van Robert die ik aan heb.
     “Lang verhaal.” 
     “Nou okee. Koffie dan maar?” vraagt ze.
     “Ja lekker.”

We praten over hoe het gaat en over of er nog wat gebeurd is in de kroeg. Vrij weinig. Op de dagelijkse dingen en hier en daar een dronken gast na.
     “Ik ben in Berlijn geweest”, vertel ik zodra Sien doorvraagt naar m’n blouse.
     “En daarvoor moest je chic gekleed?” 
     “Ik had geen eigen kleren bij me.”
     “Berlijn! Wat moest je daar nou weer?”
     “Ik was met Robert mee.”
     “Robert?” 
     “Ja.”
     “Ik vind dit een gek verhaal. Is Robert dat stuk dat hier laatst was?” vraagt ze.
     “Welk stuk?” lach ik onhandig. “Ja vast die ja.” Ik neem een hijs van m’n sigaret en druk hem uit.
     “Nog een bakkie? Dan moet ik daarna echt inkopen doen hoor!”

We drinken er nog een en langzaam komen de stamgasten binnen. De middag verloopt traag maar met de afgelopen dagen en Robert in mijn gedachten gaat de tijd snel. Wat was het leuk. Ben ik verliefd?
     “Dus die gast komt bij de dokter en zegt …” Ik zucht en glimlach. Nu kan ik het wel hebben. Het oude mannetje met zijn biertje en jenevertje begint weer dezelfde mop als altijd te vertellen. 
     “Ja en toen?” vraag ik glimlachend naar Sien. 
     “Sjonge jonge!” roept Sien schuddend met haar hoofd en ze loopt naar de berging om nieuwe drank te halen. Het oude mannetje vertelt en vertelt. Er komt een groepje jongens binnen. Ze zijn dronken, dat zie je gelijk. 
     “Zes bier en ik wil een plaatje aanvragen”, zegt een van die gasten. Hij is dikkig en praat alsof hij een aardappel in zijn keel heeft. Die studenten lijken ook eigenlijk allemaal op elkaar. Allemaal hetzelfde gladde kapsel, chique schoenen en diezelfde bekakte R.
     “Welk plaatje?”
     “Hazes. Bloed, zweet en tranen.” Ik zucht. Lekker origineel. Ik zet het nummer in de afspeellijst om het na dit nummer te laten afspelen en ik tap zes biertjes. Sien loopt langs me, stoot me aan en laat een fles drank vallen.
     “Wel godverdomme! Grand Marnier. Tering duur spul!” 
     “Lekker bezig Sien”, zeg ik.
     “Nee ga jij ook nog even lekker slim lopen doen!” 
     “Kijk eens”, zeg ik tegen de jongen.
     “Schrijf maar op een bierviltje.”
     “Nee echt niet,” zegt Sien. “Direct afrekenen hier!” De jongen doet wat zij vraagt.
     “Mag ik ook een plaatje aanvragen?” vraagt iemand. Ik moet goed kijken in het schemer van de kroeg. Huh? Is dat Robert?
     “Hé!” roep ik. “Mis je me nu al?” 
     “Altijd.”
     “Wat drinken? Biertje?” vraag ik en ik sta met twee glazen in m’n hand zodat ik er zelf ook een kan nemen.”
     “Nee, ik moet zo naar huis want ik moet morgen vroeg. Daarom kom ik langs. Ik moet terug naar Berlijn, er is toch nog iets met die deal en dat kon niet per telefoon.”
     “Oh”, zeg ik teleurgesteld. Ik hoopte Robert morgen weer te zien. 
     “Ja sorry. Ik moet daar echt heen want anders kan die deal zo over zijn.” 
     “Geeft niet. Wil je iets anders?” vraag ik, nog steeds met die twee glazen in m’n hand.
     “Nee ik ga gelijk weer. Maar ik wil je wat geven”, zegt Robert. Niet nog een cadeau toch? Ik voel me al zo bezwaard voor de afgelopen dagen in Berlijn.
     “Wat dan?”
     “Hier”, zegt Robert. Hij haalt een sleutel van z’n sleutelbos en geeft hem aan mij. “Wees er zuinig op.” 
     “Een sleutel?” vraag ik verlegen en ik weet niet wat ik hierop moet zeggen.
     “Dat heb je goed gezien.” 
     “Waarvan?”
     “Ik heb nog eens nagedacht over wat je me in het vliegtuig vroeg.” Wat vroeg ik ook alweer? “En ik vind het goed. Nu kun je m’n huis in wanneer je wilt en je mag zelfs blijven.” 
     “Wow!” roep ik. “Ik voel me vereerd!”
     “Mooi zo.” 
     “Ik wil je zoenen maar dat is hier nogal ongemakkelijk”, zeg ik zacht. 
     “Begrijp ik.”
     “Hoe lang ben je weg?” vraag ik.”
     “Ik denk drie dagen. Nou, ik ga weg en we spreken elkaar hopelijk snel. Doeg!” Robert verlaat de kroeg zonder mijn groet af te wachten. Een sleutel. Wow. Ik kreeg zojuist een sleutel van een gigantische villa van een jongen die ik nog maar net ken!
     “Is dat die Berliner Bol waar je die blouse van aan moest?” vraagt Sien.
     “Ja”, zeg ik. Het oude mannetje steekt zijn hand op om een nieuwe ronde te bestellen. Ik wuif terug om hem het teken te geven dat ik hem gezien heb. Sien komt dichter bij me staan.
     “Die moet je houden. Die heeft geld, dat zie je zo.” Sien knipoogt naar me. Ik glimlach en begin een nieuw biertje en jenevertje voor het oude mannetje te pakken. 
     “Kijk eens.” 

Niet veel later zit ik te fantaseren over het huis van Robert. Wanneer komt hij eigenlijk terug? Moet ik een soort welkom thuis-party geven? Niet veel later zie ik een bekend gezicht. Dave komt de kroeg binnen met een stel vrienden.
     “Jo man!” roept hij. Oh my god. Over feest gesproken … Ik rúík hier een feest en krijg een geweldig idee.
     “Hé Dave! Alles goed? Biertje?”
     “Ja lekkâh!” 
     “Kijk eens. Krijg je van mij”, zeg ik en ik kijk achterom of Sien het niet hoort. “Zeg Dave, nu ik je toch spreek …” Ik leg hem uit dat ik de sleutel heb van een geweldige villa hier in Groningen en dat daar de komende drie dagen niemand is. Ik vraag of Dave er iets voor voelt om daar een feest te geven. Nou dat voelt hij natuurlijk wel.
     “Echt? Vet man! Gaan we doen. Maar dat moet dan wel snel, anders is-ie terug”, zegt Dave enthousiast. 
     “Ja. Regel wel alvast ritalin”, zeg ik. 
     “Komt goed.” Dave blijft staan en z’n vrienden staan op hem te wachten. “Doe mij er nog effe vier bier bij voor die gasten.” Ik tap de biertjes en zet ze op de bar. Dave betaalt deze wel.
     “Nou lekker zuipen. Ik maak wel effe een groepsapp aan en we hebben morgen wel contact over het feest”, zeg ik. 
     “Jo gappie!” Dave loopt half dansend met vijf biertjes in z’n handen naar de jongens toe. Van mijn part nodigt hij die ook uit. Aan het uiterlijk ligt het niet. Van mijn part nodigt hij trouwens iedereen uit! Ik denk aan het zwembad en de cocktailbar in het huis van Robert. Het moet een fantastisch feest worden, dat kan niet anders.

Ik - 23:09 uur
“Welterusten en 
succes in Berlijn xxx”

Meditatienicht - 23:10 uur
“Jij ook lieverd. Tot snel! xx”

Ik zie nu pas dat ik Robert nog steeds als Meditatienicht in m’n telefoon heb staan. Ik moet eens stoppen met die vreemde bijnamen. Die namen kan ik me later nooit meer herinneren en dat wordt alleen maar complex. Ik verander z’n naam naar Robert en lees z’n app’je. Wat een schat is het ook. Ik bedenk me net dat ik helemaal geen groepsapp hoef aan te maken. Ik had er laatst eentje waar heel veel mensen op reageerden. Ik verander de naam van de groepsapp van ‘Borrelavond’ naar ‘Knalfuif’ en knal er een bericht in.

Knalfuif - 23:21 uur
“Jo gasten. Overmorgen 
feest! Wij gaan knallen! 
Geweldige locatie: 
zwembad, cocktailbar. 
Neem mensen mee!”

Ik zie Dave vanuit de andere kant van de kroeg zijn duim opsteken en roepen.
     “Chill gast! Een zwembad?!” roept hij. “Vet!” Ik steek m’n duim op en schrik van Sien die vlak bij me staat. Ik voel haar ademen.
     “Zeg sta jij wortels te schieten of zo? Ga eens aan het werk gek!” 
     “Ja ja ja, sorry!” Ik stop gauw m’n telefoon in m’n zak en begin bier te tappen voor de groep jongens van eerder die avond. Dit wordt wat.


Vervolg: Column 104 - Knalfuif

Online: 28 februari 2018

Ik kom aan bij het huis van Robert en er staan gewoon al mensen te wachten. Oh my god.

  Like en blijf op de hoogte!